Spirituele boomsymboliek

Spirituele ervaringen bieden zingeving en verbintenis met een macht groter dan het ego.  De spirituele ervaring is evenals een intuïtieve ervaring, drastisch anders dan een cognitieve ervaring. Het is mogelijk om een ander mens op spiritueel vlak te ontmoeten. Met de spirituele groet “Namasté” wordt getracht de spirit in een ander persoon te groeten. Deze diepgaande erkenning van de spirit van een ander kan enkel met een speciale aandacht oprecht zijn. Het creëren van verbinding met de diepere en spirituele lagen van een ander mens vergt andere vaardigheden en middelen dan het aanspreken van enkel de cognitieve psyche van een ander.

Een natuurervaring kan ook voorbij de cognitieve psyche spreken. Het zijn geen woorden die de natuur uitspreekt, maar de ontvanger kan wel degelijk innerlijk beroerd raken door hetgeen ontvangen van de uitgezonden natuurspirit. De natuurervaring kan daarmee een spirituele ervaring zijn. De beroering raakt het ondefinieerbare in de psyche. De menselijke psyche kan deze vorm van innerlijke beroering het best omschrijven door deze te vertalen in verzinsels. Het creatieve brein ervaart een fantasieverrijking gevuld met een energielading. De ervaring is als motiverende poëzie. De mens wordt geraakt waardoor een bepaald soort doelmatige energie vrijkomt. De mensheid kent de spirituele ervaring altijd al. Deze manier van ervaren lijkt het resultaat van een extra zintuig en net zo menselijk als het gehoor of het zicht. Anders dan de subtiele intuïtieve ervaring is de spirituele ervaring veel luider. Bomen lijken redelijk stille wezens volgens de gehoorbeleving. Op spiritueel vlak spreken bomen zeer luid. De taal die bomen spreken is echter niet bekend bij ieder mens. Evenals iedere andere taal onverstaanbaar is voor diegene die de betekenissen binnen de taal niet geleerd heeft, geldt ditzelfde voor de spirituele taal van bomen. Een taal kan luid zijn, maar is niet altijd luid en duidelijk. Het aanhoren van een onbekende taal in het algemeen brengt wel degelijk reacties teweeg in de toehoorder. Of deze toehoorder de werkelijke woorden dan wel kan vertalen in het brein of niet. Er komt een energie over. Zo is dat ook met bomen.

Wie een boom tegenkomt ervaart iets. Je zou je kunnen afvragen wat het nu is dat wordt ervaren. De takstructuur biedt constructie in de boombeleving. De bladkleur biedt een zachtheid in deze ervaring. De twijgbewegingen, die de wind opwekt, creëeren levendigheid. De grootte van de boom biedt impressie van het perspectief en daarmee impressie van de verhouding van de waarnemer tot hetgeen dat wordt waargenomen. Deze impressie is verbonden met emotie dat eveneens wordt waargenomen. De dikte en vorm van de stamvoet geeft basis aan de ervaring. De ondergroei en buurbomen geven ambiance mee waardoor de ervaring sterk relatief is aan de omgeving. Deze natuurervaring in al zijn diepere facetten helder communiceren naar een ander mens, zonder daarbij gebruik te maken van symbolen, is lastig.

Symbolische taal fungeert effectief binnen spirituele communicatie. Sinds mensenheugenis verklaren wij onze omgeving en onze ervaring door het gebruik van symboliek. Aangezien een directe eenwording met een ander mens vrijwel onmogelijk is, kan heldere communicatie enkel via verwijzingen naar onze omgeving verlopen. Door te wijzen naar een herkenbare zintuigelijke ervaring kan veel gezegd worden zonder al die woorden te gebruiken die de volledige ervaring zou doen uitdrukken. De mens kent oneindig veel symbolen waarmee gecommuniceerd kan worden.

De boom is één van die symbolen en is altijd een krachtig symbool geweest in vele culturen. De boom is verbonden aan een spirituele betekenis. De boom is zelfs vaak gebruikt om de volledige realiteit te symboliseren. De oorsprong daarvan is te vinden in meerdere aspecten dat aan het symbool van de boom gebonden is. Zeer sprekend is de grote hoeveelheid wortels en takken die allen verbonden zijn via één enkele stam. Het is symboliek voor een verbonden diversiteit. Daarnaast is de boom symboliek voor een verbinding van verschillende werelden. Hoe de vele wortels in een ondergrondse wereld leven en daarmee de takken in de bovengrondse zichtbare wereld voeden, dat is ook sterke symboliek. Het spirituele aan het boomsymbool ligt natuurlijk besloten in het feit dat een boom zelf een levend wezen is en geen verzonnen symbool. De symboliek is werkelijk. De realiteit is symboliek. De boom is een diepe wijsheid.

De wijsheid in bomen kan gekanaliseerd worden voor het bereiken van een liefdevol en vredelievend doel. Een goed voorbeeld hiervan is te vinden in het verhaal achter de Weymouthden: Boom van de Vrede.

Veel wijsheid gewenst bij het lezen van de monografie over de Weymouthden!

Een ode aan het streven naar vrede op aarde!

Waarom laten bomen hun blad vallen in de herfst?

Gevallen blad in duisternis

Gedurende herfstdagen is een symbolische afdaling in duisternis in gang. De dagen worden met de dag korter alsof de duisternis de kracht van het licht opslokt. De godin van de onderwereld, Cerridwen, brouwt inspiratie voor transformatie in haar toverketel. De binnenruimte van haar ketel is een donkere plek, maar wel boordevol potentie. Het is een donkere ruimte waarin de inspiratie gaart tot in transformatie. Cerridwen kent de bereidingswijze waarmee de ingrediënten door duisternis heen leiden tot aan licht. Zij wijst ons op milde wijze naar de ruimte binnenin onszelf. Zij wijst ons op de wijsheid verscholen achter innerlijke reflectie en gehuld in duisternis. Gevonden rust in de diepte biedt de potentie van ontkiemende schatten in de geest. Het volgen van de diepgang in volledige acceptatie van deze diepgaande werkelijkheid en de liefde daarvoor maakt de innerlijke ruimte klaar voor de wijsheid dat in de diepte te vinden is.  Een naar binnen kerend proces dat uiteindelijk de belofte in zich draagt van geïnspireerde wederopstanding. De herfst kalmeert de levensenergie en in de natuur lossen bomen hun bladerdek.

Laat maar los. Spirituele visie ligt besloten in de duisternis der herfst. We worden boombewuster met de volgende vraag. Een simpele maar zo’n essentiele vraag om uzelf ooit eens af te vragen in het denken over bomen.

Waarom laten bomen hun

blad vallen in de herfst?

Herfstveld

De levende lichamen van bomen vragen levensenergie voor zelfonderhoud, groei en ontwikkeling. De levensenergie wordt grotendeels verkregen uit zonne-energie.

Meer zonne-uren en ook hogere luchttemperatuur leiden bij bomen tot een toename in levensenergie. Deze toename aan levensenergie betekent een potentiële groeitoename. De boom groeit werkelijk indien de omstandigheden ook voldoen aan de overige groeivereisten van de boomsoort.

Er is overigens geen oneindige groeitoename bij iedere temperatuurverhoging. Er kan een omslagpunt bereikt worden waarbij de temperatuur te hoog is voor boomgroei.

In de herfst neemt de daglengte af en dus nemen de zonne-uren af. Ook dalen de temperaturen. Hiermee neemt de levensenergie van bomen in de herfst af. Een afname van levensenergie leidt tot een afname van allerlei levensprocessen in bomen. De activiteit van en in bomen neemt in de loop van de herfsttijd steeds verder af tot het winterse dieptepunt van rust. Doordat bomen steeds minder energie kunnen verzamelen uit de zon neemt de groeisnelheid af tot aan een tijdelijke groeistagnatie. Omdat bomen bovengronds en ondergronds stoppen met groeien is een opname van voedingsstoffen uit de bodem ook niet meer van belang.

De boom raakt in deze periode niet volledig afgestorven en heeft daarom wel een bepaalde minimale hoeveelheid energie nodig. Via interne processen zorgt de boom dat de verkregen levensenergie voorafgaand de rustperiode als reserve is opgeslagen. De opslag vindt plaats binnen in het houten lichaam. Dit gebeurt op een manier waardoor deze energie later weer op te roepen is, middels opslag van zo te noemen reservesuikers.

Kaal bos in winterrust

Wortels blijken met lage temperaturen niet goed meer te functioneren als wateraanzuigers. De temperatuur daalt richting de winter dermate ver dat wortels daarom steeds minder in staat zijn om water op te nemen. Als de bomen door zouden blijven gaan met waterverdamping door het bladoppervlak van de boomkroon, terwijl de wortels ondergronds geen water meer kunnen opnemen dan ontstaat er disbalans en een onhoudbare situatie. De bladeren zuigen in dat geval al het water uit de boom weg en is er geen aanvoer meer van water via de beworteling. Het leidt tot volledige uitdroging en uiteindelijk afsterving tot gevolg.

Op het punt dat het vriespunt is bereikt dan is wateropname door beworteling uiteraard zelfs volledig onmogelijk geworden. Het opzuigen van een ijsblokje door een rietje gaat gewoon niet. Tevens bevriest het vocht in de bladcellen onder het vriespunt als het loof aan de boom zou blijven zitten. De processen die zich in de bladcellen en de nervatuur afspelen komen bij bevriezing tot stilstand. De bladeren zouden hierbij onherstelbaar beschadigd worden. De voedingsstoffen in de duizenden boombladeren gaat hiermee verloren en dit is een duur verlies voor de boom!

Een ander winters euvel ligt besloten in sneeuwval. De kroonstructuur van loofbomen is bij een heftige sneeuwval in combinatie met een bebladerde kroon niet bestand tegen de enorme gewichtstoename die plots ontstaat door het grote bladoppervlak waarop sneeuw kan blijven liggen. De houten kroonstructuren van loofbomen zijn hier niet op berekend en er ontstaat takbreuk bij de kleinere takjes tot aan de grote gesteltakken.

Besneeuwde loofbomen

Bomen behoeden zichzelf dus tegen droogtedood, bladbevriezing en mechanische overbelasting veroorzaakt door sneeuwcumulatie door hun blad af te werpen als de winter zich aandient. Althans, loofbomen… en ook de naaldbomen lariks Larix spec., watercipres  Metasequoia glyptostroboides en de moerascipres Taxodium distichum. Overige naaldbomen hebben een andere oplossing gevonden voor de droogtedood, de takbevriezing en de takbreuk. Bij deze type bomen is duidelijk een andere kroonstructuur aanwezig en ook zijn de bladeren sterk anders.

Het winterbeeld van de moerascipres is een beeld zonder naalden

Bladval is nog niet zo’n verkeerde keuze van de loofbomen. Een grote waarde is te vinden in de cyclus die hiermee tot leven wordt gewekt. Het gevallen blad functioneert als een beschermdeken op de bodem tegen koude temperaturen. Iets waar de beworteling van de boom, maar ook overige planten en allerlei dieren, zoals egels, baad bij kunnen hebben. Het gevallen blad leidt direct onder de boom en in de nabije omgeving tot een verrijking van leven. Diverse bacteriën, schimmels, springstaarten, wormen en grote hoeveelheden andere bodemorganismen maken gebruik van het gevallen blad. Allerlei organismen graven, eten en vroeten zich kleine gangetjes door de bodem onder de boom terwijl het gevallen blad in steeds kleinere deeltjes uit elkaar valt in het proces van eten, uitschijten, rotten en verteren. Alle gegraven gangetjes doorluchten de bodem en al deze poriën houden de bodem onder een boom gezond, doorwortelbaar, zuurstofhoudend en geschikt voor waterinfiltratie. Uiteindelijk leidt dit proces weer tot nieuwe voeding voor de boom zelf. En zo eet de boom zijn eigen blad, als het ware, ook weer op.

Wortels van beuk (Fagus sylvatica) in afgevallen blad

Wanneer de mens vervolgens het afgevallen blad onder een boom wegneemt in de winter maakt zij inbreuk op dit belangrijke natuurlijk proces. Dit zou zoveel mogelijk voorkomen moeten worden. Echter zijn er boomsoorten in ons land die hier niet natuurlijk voorkomen, zoals bijvoorbeeld de gewone plataan Platanus x hispanica of de moerascipres Taxodium disctichum. Dit zijn voorbeelden van ingevoerde boomsoorten waarvan het blad in onze bodem niet zo gemakkelijk wordt afgebroken door de bodemorganismen. De bodemorganismen zijn niet bekend met sommige uitheemse boomsoorten. De ideale natuurlijke cyclus is een proces dat het beste functioneert bij een boom in zijn natuurlijke areaal. Sommig blad leidt bijvoorbeeld tot verzuring van de grond.  Ergens anders leidt afgevallen blad op fietspaden of wandelpaden tot uitglijders. Als het oppervlak onder een boom glad betegeld of een glad gazonlaken is dan waait blad ook weer gemakkelijk weg. In de natuur blijft afgevallen blad vaak vanzelfsprekend tussen vegetatie liggen en waait het niet gemakkelijk weg.

Schimmels en blad

Het recyclingproces is in de natuurlijke situatie van zo’n boom waardevol en goed functioneel. In de stad geldt dat de omstandigheden onder de boomkroon zoveel mogelijk op de natuurlijke situatie moeten lijken om dit proces succesvol na te bootsen. Bij stedelijk groen en in tuinen wordt soms vergeten dat de groeiplaats van een boom ook altijd ondergronds aanwezig is en dat daar bepaalde omstandigheden verlangd worden door de boom. In het belang van bomen zou deze ruimte onder de boomkroon weer teruggegeven kunnen worden aan de boom. Als deze ruimte weer natuurlijk is teruggegeven aan de boom, niet bereden of betreden wordt, het blad er weer mag vallen en mag wederkeren naar de boom, dan zal de boom erg oud en erg groot kunnen worden.