“Liefde gaat niet over rozen”
Egelantier – Rosa rubiginosa (Sweet briar, Eglantine rose, Sweetbriar rose)
Ooit, heel lang geleden prikte een prinses genaamd Doornroosje haar vinger aan een spinnenwiel. Tijdens de honderdjarige slaap die volgde voor haar en haar hele hofhouding beschermde de Egelantier en andere doornstruiken het paleis met hun scherpe doornen en stekels tegen indringers. Op een dag kwam er een knappe prins langs en keek op tegen de natuurlijke pracht en praal rond het paleis. De prins was er zeker van dat tussen al die rozenstruiken Rosa spec. hij zijn grote geliefde zou vinden.
Onverschrokken stapte hij het struweel in. Ondanks de verwondingen die hij zou opdoen hield hij een oude wijsheid van de Egelantier in zijn achterhoofd; “Ik verwond om te helen”. Door aan het determineren te slaan ontdekte hij welke struik nu precies de Egelantier was, zijn grote geliefde plant. Dit was nog niet gemakkelijk, veel rozenstruiken lijken op elkaar .Toch slaagde de prins erin. Hij had de legende gehoord dat de roos beter groeit als hij gestolen is… Hij was voldaan, nam een stekje mee voor in zijn tuin en leefde nog lang en gelukkig!
De Egelantier, een plant verbonden met oude verhalen, sprookjes, gedichten en literatuur. De romantiek van de struik heeft al vele harten gevuld. De Egelantier heeft ook in de Nederlandse cultuur een vaste plek. Als u goed oplet is de naam van deze struik nog alom aanwezig in onze dagelijkse realiteit. U vindt de naam terug in straatnamen, restaurants, hoveniersbedrijven, wijkgebouwen, ontmoetingsplekken, Yogapraktijken, culturele centra, huisartsenpraktijken, kinderdagverblijven, woondienstencentra of zeilschepen. De struik vergezeld ons al sinds lang vervlogen tijden. Vaak heeft de plant symbool gestaan voor liefde tussen mensen, maar ook voor liefde van het goddelijke.
De oude liefde voor de plant heeft de Europeaan al sinds de zestiende eeuw gedreven tot cultivering van de Egelantier. De plant is vaak gebruikt om met andere rozen te kruisen. Het doel van de cultivering is voornamelijk gebaseerd op de schoonheid die alom erkend wordt en men tracht te vergroten. Dit is natuurlijk zinloos, want pure natuurschoonheid kán niet overtroffen worden.
De prins uit het sprookje wist dit en hij concentreerde zich daarom op de schoonheid die hij tegenkwam in de kleinste details van het uiterlijk in het doornstruweel. Deze weg leidde hem tot herkenning van de Egelantier. De rode, roze en witte bloemen van de rozenstruiken verzachte zijn ongeduld met de lucht waarmee zij hem in zoetheid doopten, maar die bloemen leidde de prins niet goed naar de Egelantier. Hij wist dat de Egelantier bloemen heeft die op al die andere rozenbloemen kunnen lijken. Soms zijn ze donkerroze, maar soms ook lichtroze of wit. In de bloemen zit vaak een wit centrum, maar ook daarmee kon hij zich niet redden.
De prins wist dat de rozenbottel van de Egelantier de vorm van een zeer ronde fles moest hebben, een schakering van scharlakenrood moest uitstralen, misschien lichtelijk behaard kon zijn en niet zo groot. De heerlijke geur van de bloemen op deze mooie julidag verraadde de prins al dat de bottels nog niet volledig gevormd en rijp waren en hem helaas niet genoeg tot nut konden zijn.
De prins besloot de stekels en doornen uitgebreid te gaan bekijken en te vergelijken. Het viel hem op dat al die rozenstruiken een andere vorm stekels hadden, bij sommige soorten waren alle stekels even groot en ook viel hem op dat de dichtheid van die stekels sterk varieerden per rozensoort.
Om de Egelantier te herkennen is het voor de prins, maar ook voor u, van belang te kijken op de stengel onder de bloemen. Hier staan veel naaldvormige stekeltjes zeer dicht op elkaar. Verder zijn op de Egelantier vaak rode stekels te vinden. Deze overige vaak rode doornen zijn meestal haakvormig gebogen. Die doornen variëren, in tegenstelling tot de Hondsroos Rosa canina, in grootte. Bij de Egelantier kunnen de doornen sterk gekromd zijn en soms weer minder sterk. De basis is vaak even breed als de stekel lang is.
Nu de prins een struik herkent had met dit type stekels en doornen, voerde hij een controle uit door naar de blaadjes te kijken. De blaadjes moeten wat ronder zijn dan van vele andere rozen en van boven glanzend zijn en van onder bezet met kliertjes. De bladvoet is ook herkenbaar met een bijna afgeknotte, maar afgeronde bladvoet. Ze zijn niet zo groot en hebben een gezaagde bladrand.
Om zeker te zijn wreef de prins de blaadjes door zijn handen. In een eerder geval rook de prins een harsachtige geur, dit was de Viltroos Rosa villosa. Toen hij niks rook bleek het een Hondsroosvariant te zijn (Rosa canina-complex à Rosa tomentella). Maar dit keer ontsteeg een lekkere geur van zoetzure appeltjes het blaadje en verdween in de prinsenneus. Dit keer was hij overtuigd en over-blij! De Engelse toevoeging Sweet in de plantennaam is hierop gebaseerd.
We springen even de tijdmachine in om te kijken hoe de Egelantier het in de eenentwintigste eeuw doet. ZzzzzzzzzzzzzzzOEFF!
Welkom in de eenentwintigste eeuw! De Egelantier is wijdverbreid vanaf Zuid-Scandinavië tot aan West-Azië tot de Zwarte zee, Joegoslavië en Groot Brittanië. In Noord Amerika is de Egelantier inmiddels ingeburgerd. In de Westerse wereld wordt de plant ook nog steeds graag aangeplant. De struik is in Nederland vooral langs de Hollandse en Zeeuwse kust levend. Hier groeit hij niet per se in de duinen maar vooral in de omringende gebieden.
Maar ook in de duinen groeit de plant wel, en dat is dan voornamelijk de microsoort Rosa rubiginosa subsp. Rubiginosa. Iedereen die wel eens een duinwandeling maakt en zijn ogen open kan doen is bekend met de Duindoorn Hippophae rhamnoides. Die Duindoorn is dan ook voor deze Egelantier in de duinen een vaste buur.
Als de Duindoorn optimaal in zijn kracht staat dan is deze te concurrentiekrachtig om de Egelantier in volle glorie in zijn buurt toe te laten. De Egelantier duikt daarom pas krachtig tussen Duindoornstruweel op als deze flink aftakelend is… OF als deze struiken nog klein en jong zijn en nog moeten groeien. Die situaties komen vaak genoeg voor en geven de Egelantier de mogelijkheid volwaardige buren te worden met Duindoorn zonder zichzelf te kort te doen. Dat de Egelantier zulke voor veel planten onverdraaglijke plekken kan bewonen heeft zeker te maken met haar verdraagzaamheid tegen zeewind en krachtige wind.
De planten die deze plekken niet onverdraagzaam vinden en hier gezamenlijk in een verbond leven vallen onder het Ligusterverbond Berberidion vulgaris. Dit is een plantenverbond die gekenmerkt wordt door struiken. Het ligusterverbond is dan ook een verbond van de klasse van doornstruwelen Rhamno-Prunetea. Zij kunnen droogte en warmte en kalk goed verdragen. In de struiken slingeren soms lianen zoals Bosrank Clematis vitalba en Heggenrank Bryonia dioica. In dit verbond zijn andere kenmerkende soorten de Zuurbes Berberis vulgaris en de Wilde liguster Ligustrum vulgare ook vaak te vinden.
Ook de Meidoorn Crateagus is een duinbewonende struik. Langs de randen van Meidoorns en ook van Vlierstruweel Sambucus nigra kan de Egelantier ook wel eens zijn plekjes veroveren.
Inmiddels is de plant pas een eeuw levend op de Waddeneilanden. In het binnenland van Nederland is de plant met een bepaalde zeldzaamheid ook wel voorkomend. Daar staat hij ook vaak in heggen of in bos(plantsoen)randen. Kent u de Sleedoorn Prunus spinosa? Ja, u heeft nu een beeld van een mooie witgekleurde plek in een bosrand te pakken in uw gedachte. De standplaatsen van de Egelantier in het binnenland kunnen in de bos(plantsoen)randen vergeleken worden met die van de Sleedoorn. Stelt u zich maar die witte plek voor, maar verander de witte gloed in een roze-witte gloed. Mooi, dat is het! Zo vaak als de Sleedoorn komt de Egelantier echter zeker niet voor in het binnenland.
De Egelantier vindt op al die verschillende locaties door het land heen altijd zijn juiste standplaats die voldoet aan zijn specifieke standplaatseisen. Egelantier eist met nadruk een boel licht en warmte, maar er spelen bij iedere plant altijd allerlei verschillende factoren gezamenlijk een bepalende rol.
Dat specifieke plekje waar de eisen ingewilligd worden bevindt zich met name tussen andere heesters op een plek die niet overschaduwd wordt door bomen. Een lekker zonnetje voor het grijpen en een beetje droogte vindt de Egelantier altijd prima. Hoe voedselrijker de grond, hoe groter de Egelantier wordt, soms wel twee meter hoog of hoger, maar soms ook veel kleiner op voedselarmere grond.
In Zuid Limburg en het rivierengebied zijn ook andere microsoorten van Egelantier te vinden. Naast het feit dat de Egelantier onder te verdelen is in microsoorten vonden de plantkundigen het in het jaar 2003 nodig om de Egelantier van toendertijd op te splitsen in vier volwaardige soorten! Voor die tijd waren er dus veel meer struiken die de naam Egelantier droegen dan tegenwoordig! Die soort was té variabel in verschijningsvormen en leek uit meerdere soorten te bestaan. Daarom zijn er nu struiken die de volgende namen dragen: Ruwe viltroos Rosa pseudoscabriuscula, Kleinbloemige roos Rosa micrantha en de Kraagroos Rosa agrestis. De Egelantier is de vierde soort die de oude naam behield.
In het licht van het ligusterverbond lijkt de Egelantier misschien niet zo krachtig, maar op voedselrijke grond heeft de Egelantier wel degelijk een grote concurrentiekracht en groeit hij snel. Ook verdraagt hij afzetten door mensen goed. Hierom kan de plant goed als bodembedekkende heester functioneren in de stad. Als geluidswal en randbeplantingen kan de struik ook goed functioneel zijn. Eeuwen geleden was de plant ook al vaak dienende langs hekwerken en tegen muren tegen onwelkome bezoekers.
De plant heeft ons jarenlang bescherming kunnen bieden en deze beschermende energie is diep in de plant verankerd. Met magie kunt u die kracht loskrijgen en ten goede inzetten. Door groene delen te dragen kunt u geholpen worden beschermd te worden tegen die boze wereld waar ook Doornroosje voor behoedt werd.
Ook de eeuwenlange liefde voor de plant is in het hart van de struik verankerd. De God Eros is één van de vele goden die met de plant verbonden wordt. Door een ketting te dragen van rozenbottels van de Egelantier kunt u de liefde die u zoekt aantrekken. De liefdevolle planeet Venus en de magisch vrouwelijke krachten zullen u via de plant helpen. Verspreidt de bloemblaadjes die boordevol met liefdesenergie zitten door uw huis en de effecten hiervan zullen alle onbenulligheden doen vervagen en ongetwijfeld de innerlijke positieve energieën van de bewoners vrijer laten stromen. De effecten van de bloemblaadjes in bad mag u zelf eens uittesten. Een thee van de rode rozenknoppen kan voor het slapengaan helpen in de toekomst te dromen.
In de natuur hebben vooral bijen en hommels de Egelantierbloemen lief, als het geregend heeft ruiken de bloemen sterk en maakt deze geur onze kleine vliegende vrienden gek. De bottels dienen weer als voedsel voor vogels. De naam Egelantier heeft niks te maken met een Egel die een of andere ingewikkelde relatie met de plant heeft.
De naam Egelantier komt uit het Franse ‘aiglent’ en betekent doornstruik, net zoals de Latijnse geslachtsnaam Rosa afgeleid uit het Griekse ‘rodon’, afgeleid uit het Oudperzische ‘wurdo’, waar het ook doornstruik betekende.
Het is u nu wel duidelijk dat de Egelantier symbool staat voor liefde én pijn. Deze symboliek komt tevens terug in de maan van de roos. Deze maan die in juli of juni vol wordt draait onder andere om offering. We worden deze maan erop gewezen iets op te geven om de nieuwe oogst binnen te halen. Dit is symbolisering van het menselijke leven waarin we continue dingen moeten opofferen om nieuwe dingen ruimte te geven.


Wat een prachtig artikel! Ik heb zojuist uit Engeland een paar rozenbottels van de Egelantier meegenomen in de hoop dat ik hieruit plantjes kan kweken, want ze roken zo heerlijk! Heb je misschien tips voor me?
Dankjewel 🙂 Nou ik wil je adviseren er even op te googlen want het kan op meerdere manieren en het is maar net wat jij handig vind. Ik weet dat het best zelf te doen is, maar zelf heb ik daar geen ervaring mee dus kan je niet echt een goede tip geven. Groetjes! En leuk dat je de site volgt 🙂
Op zoek naar gegevens van de Egelantier vond ik bijvoettegemoet ,prachtig om dit te lezen . Het verhaal past bij mij . Wij zijn 56 jaar getrouwd . 3 jaar geleden heb ik rozenbotels uit Nederland mee genomen . 2 maanden in de vriezer gedroogd , ( op advies van een rozen kweker ) 1 dag geweekt in water , daarna gezaaid in potjes . Er kamen 75 plantjes op van 12 rozenbotels . Gepland op een plaats die een halve dag zon heeft ( wij wonen in zuidwest Frankrijk ) . De planten zijn allemaal goed gegroei . Nu wil ik ze overplanten om dat ze te dicht bij elkaar staan . De grond is kalk arm , zou het beter zijn kalk toe te voegen . Misschien kunt u dit beantwoorden . b v min dank Ria .
De plant houdt inderdaad van kalkrijke grond, maar ook van niet te voedselrijke grond. Linkt mij n goed plan! Gegroet, Bijvoet Tegemoet
Heel leuk om het verhaal rond de Egelantier te lezen. Ik heb de Egelantier als kuipplant op mijn balkon. Hij doet het daar tot nu toe goed!
Nu wacht ik met ongeduld dat hij gaat bloeien. Ik heb eerder een roos op mijn balkon gehad en die heeft rijkelijk gebloeid. Hebt u nog goede tips voor mij omtrent voeding?