“Een plant met aandacht”
Akkermelkdistel – Sonchus arvensis – Perennial Sowthistle
De akkermelkdistel is een plant die sommige mensen als ‘onkruid’ bestempelen. ‘Onkruid’ is een gevormde naam voor planten die ongewenst zijn. Vanuit dit principe kan elke plant een ‘onkruid’ zijn. De aanduiding van ‘onkruid’ aan een kruid is puur een belevingskwestie. Toch zijn er wel soorten die vaak zeer ongewenst zijn. Akkermelkdistel wordt onder de boerenbevolking veel bestempeld als ‘onkruid’. Dit heeft de volgende redenen.
Akkermelkdistel groeit graag in akkers, vooral tussen hakvruchtakkers en granen. Bemesting, de bodem omwoelen en verstoren, bijvoorbeeld door ploegen en spitten, bevorderen de groei en zorgen voor een optimale instandhouding van Akkermelkdistel. Wat er gebeurt is dat de wortelstokken van de Akkermelkdistel in kleine stukjes worden verdeeld en deze worden vervolgens verspreid. Het wortelstelsel van de Akkermelkdistel ontwikkelt zich sowieso erg sterk en bestaat uit dikke wortels met vele knoppen waarin reservevoedsel wordt opgeslagen en uit lange kruipende wortelstokken. Deze wortelstokken werden overigens vroeger geroosterd en als koffiesurrogaat gebruikt, oftewel ter vervanging van koffie gebruikt. Dit wortelstelsel ontwikkelt zich al wanneer de soort enkel een bladrozet heeft aangemaakt (bladen zonder stengel aan de grond vanuit een centraal punt). Het rozet vangt veel licht en geeft de energie door aan de aan het zicht verdwenen ondergrondse delen, die zich hierdoor sterk ontwikkelen.
Wie Akkermelkdistel als onkruid ervaart zal storingen van de bodem moeten voorkomen. De plant kan ook voor de bloei telkens weggemaait worden, dan zal hij op den duur ook kunnen verdwijnen. Dit maaien zal dan twee keer moeten gebeuren omdat de plant twee keer per jaar bloeit, in het voor- en najaar. De makkelijkste en meest natuurlijke manier is gewoon de grond met rust laten, ook dan zal de plant op den duur vanzelf verdwijnen.
Toch zijn er ook genoeg mensen die het jammer vinden dat hier uitgelegd wordt hoe u deze plant moet bestrijden. Dit zijn mensen die Akkermelkdistel niet als moordenaar van andere planten in hun tuin of akker ervaren. Dit zijn mensen die niet de gruwelijkheden zoals verstikking van andere planten hebben moeten ervaren. Zijn dit dan mensen zonder hart of zijn dit mensen met een andere blik op de werkelijkheid?
Naar mijn idee zijn dit alles behalve harteloze mensen. Dit zijn mensen die minder gehecht zijn aan cultuur. Dit zijn mensen die hun wil niet alleen via het plaatsen en handhaven van zelf gekozen planten tot uiting zien komen. Dit zijn mensen die de wil van de natuur respecteren of anders harmonisch meedeinen op de wil van moeder aarde. Of het zijn mensen die de waarde van een werkend ecosysteem onder ogen zien. Ook kunnen dit mensen zijn die waarde hechten aan levens van allerlei andere kleinere wezens dan de mens. Wezens die elke dag zwoegen om te kunnen blijven bestaan.
De wezens die hierboven genoemd worden betreffen (bij aardse percepties) voornamelijk insecten. Ruim 50 soorten insecten vinden hun voedsel op de plant. Het gaat hier voornamelijk om wilde bijen, honingbijen en vlinders, maar in gematigde mate ook om hommels. Vlinders zoals Argusvlinder Lasiommata megera en koolwitjes Pieris spec.. Wilde bijen zoals Pluimvoetbij.
Het vrouwtje van Pluimvoetbij Dasypoda hirtipes is vooral naambepalend geweest. Zij zijn goed te herkennen aan de gele pluimen aan de achterpoten. Deze pluimen bestaan uit lange haartjes. Deze haartjes doen hun dienst tijdens het weggraven van zand en vervoeren ook extra veel stuifmeel. Pluimvoetbij is een bij die in heel Nederland voorkomt en vooral gele paardenbloemachtige bloemen bezoekt. Het is een echte ‘ochtendbij’ omdat ze voornamelijk geïnteresseerd zijn in een ontbijt en een brunch en de overige maaltijden nogal eens overslaan. Opvallend is dat het buisvormige deel van de bloemkroon van Akkermelkdistel maar 8 tot 12mm lang is, want dit is eigenlijk iets te lang voor een bijentong. Vanwege het feit dat de nectar in de buis een beetje opstijgt kunnen bijen alsnog van het heerlijke nectarontbijt genieten.
Vooral bij natte zomers is Akkermelkdistel van grote betekenis voor insecten. Kleine vlakken met vele akkermelkdistels kunnen al van enorme waarde zijn voor die insecten. Tegelijkertijd zijn deze vliegende insecten ook erg waardevol voor de plant. Voor het vormen van optimaal kiemkrachtig zaad is kruisbestuiving de aangewezen methode. Ook zelfbestuiving levert zaden op, maar deze zijn minder kiemkrachtig.
Het is bizar om te bedenken dat zelfs de binnenkant van de bladeren een leefwereld kunnen vormen… maar dat is wel zo. Naast de al genoemde insecten leven ook larven van diverse mineervliegjes in de bladeren van Akkermelkdistel.
Er zijn nog meer soorten mensen die Akkermelkdistel niet als onkruid bestempelen. Het betreft bijvoorbeeld mensen die paarden liefhebben of hebben. Akkermelkdistel is namelijk voor het paard een zeer smakelijke traktatie.
Nu vraagt u zich misschien het volgende af: “Paarden, die distels lekker vinden, is het werkelijk waar?”.
Als dat zo is, dan is dat een vreemde ontoepasselijke vraag. Akkermelkdistel is namelijk geen distel. De Latijnse naam Sonchus is een afleiding van het Griekse Sonchos, waarmee in den ouden tijden distelachtige plant werd aangeduid. Melkdistels bevatten melksap, en hiermee onderscheiden zij zich van distels. De naam Sonchos is weer afgeleid van somphos, wat hol en zacht betekent. Waarschijnlijk is deze naamgeving aan de planten gegeven vanwege de holle zachte stengel waarin het melksap zit. De soortnaam arvensis betekent veld of akker.
In Friesland wordt Akkermelkdistel ook molkdistel genoemd, op Texel ‘melkstammen’ in Gelderland, Utrecht en Zuid-Holland ‘Zeugdistel’, in Noord-Beveland prikkel- en stekelmelkwiet, op Zuid-Beveland en in Zeeuws-Vlaanderen melkriet en in Walcheren rozewiet.
De naam wiet heeft niets te maken met het rookbare Nederwiet en Akkermelkdistel is ook nooit gerookt. Thee, van Akkermelkdistel getrokken, heeft wel een rustgevende werking. Van de wortels kan thee getrokken worden en is ook werkzaam tegen astma, longklachten en verkoudheid. De jonge lichtbitter smakende bladeren zijn wel gegeten in salade of als spinazie. Raar dat dat zo weinig meer gedaan wordt, want ze bevatten veel minerale zouten en vitaminen.
Wordt u wat onrustig van al deze informatie, dan kunt u gaan wandelen in de zeeduinen, langs de kustlijn, langs akkers of op stenige plaatsen. In de duinen en langs de vloedlijn kunt u zich wel vergissen vanwege de hier ook voorkomende Zeemelkdistel, dit is een variëteit (voor “variëteit” zie Aapjesorchis) genaamd Sonchus arvensis var. Maritimus. Deze soort voelt wat vettig aan, heeft onregelmatig ingesneden blad en is wat blauwgroenig gekleurd (foto hieronder).
Als u over de akker wandelt herkent u de Akkermelkdistel aan de grootste bloemhoofdjes onder de melkdistels, ze zijn ongeveer 3 tot 5 cm in doorsnede. Het kiemblad is rond of rond-ovaal, heeft een gave bladrand, is op de grond liggend en kort gesteeld. Het beste kenmerk om een bloeiende Akkermelkdistel te onderscheiden van Gewone melkdistel Sonchus oleraceus zijn de vele geelachtige klierharen op de stengels en het omwindsel van het bloemhoofdje (zie foto). Deze klierharen zijn functioneel tegen te veel verdamping en om ongewenste insecten op weg naar de bloemen te belemmeren.
De bloemhoofdjes bevatten ongeveer 100 kleine lintvormige (lint)bloemen. De randstandige lintbloemen zijn groter dan de middelste. Dit systeem dient om aandacht te trekken. De plant wil voornamelijk aandacht in de ochtend en als het zonnig weer is. Anders heeft de plant geen zin in aandacht en sluit hij zijn bloemkroon. De eerste nachtvorst betekent het definitieve einde van alle aandacht voor dat jaar.


Kon je de bestaande logjes nog overhevelen? of ben je opnieuw begonnen – welkom bij je nieuwe plekje!
Hoihoi, ik heb alles opnieuw erop geplaatst. Dankjewel!!
als hij nog niet in bloem is, hoe herken je waar hij zit zonder dat die al is uitgebloeid?
Dan zul je de bladvorm goed moeten bekijken en hierop moeten zoeken. Als je de nerfjes knakt kan je vervolgens zien of er melksap in zit. Daaraan weet je dan ook dat dit een melkdistel is.