“De gare raap”
Raapzaad – Brassica rapa (Turnip) / (Birdsrape Mustard))
Raapzaad is een mooi geel bebloemd kruid, die een hoogte kan bereiken van tachtig centimeter. De plant kan twee jaar in leven blijven en bloeit in april tot augustus. De bloemen hebben vier bloemblaadjes, zoals elk lid van zijn Kruisbloemenfamilie Brassicaceae. Het geslacht van het Raapzaad is Kool Brassica. Dit is de alom bekende Kool, waarin ook o.a. de Bloemkool en Broccoli Brassica oleracea spec. Vallen. De naam ‘Brassica’ is afgeleid van het Griekse woord ‘prasikê’, wat ‘voortreffelijke groente’ betekent.
De ondergrondse knol van de inheemse Raapzaad wordt ook wel meiraap, knolraap of raap genoemd en wordt gegeten. Uit de Raapzaad zijn ook nog andere voortreffelijke groentevarianten gekweekt, zoals Chinese kool Brassica rapa var. Pekinensis en Raapsteeltjes Brassica rapa subsp. campestris. De Raapzaad verwilderd wereldwijd vaak vanuit zijn akkers. In Nederland is hij echter ook gewoon een wilde plant.
Raapzaad is in Nederland veel aan te treffen op open voedselrijke gronden, die enigszins vochtig moeten zijn. Het is een pioniersoort die plaatselijk algemeen voorkomt. Hij kan met name in wegbermen erg dominant zijn. De exacte verspreiding van de soort is onduidelijk vanwege de verwarring met gelijkende soorten. Raapzaad wordt vaak verward met de zeer gelijkende soort Koolzaad Brassica napus, maar ook met de Herik Sinapis arvensis, Witte mosterd Sinapis alba en Zwarte mosterd Brassica nigra.
Aangezien iedere Nederlander wel eens met een van deze op elkaar lijkende soorten geconfronteerd wordt, is een handig overzicht van de onderscheidende kenmerken onmisbaar voor de plantenliefhebber. Voorafgaande dat overzicht is het ook handig om de algemene overeenkomsten te weten. De planten hebben alle vier mooie en riekende gele vierbladige bloemen, die met andere bloemen samen in een bolvormige bloeiwijze staan. In die bolvormige bloeiwijze staan meestal tussen de bloemen tevens dichte ronde knoppen, die nog uit moeten komen. Deze bloemknoppen smaken soms ook een beetje naar mosterd. Al die planten vormen ook langwerpige hauwen, die onder de bloemen aan de stengel zitten.
In de eerste determinatiestap kunt u uitsluiten of de plant die u ziet de Herik is. Wanneer het een overduidelijk harige plant is, wanneer u geen enkel kaal blauwgroenig gekleurd blad aantreft en het blad geen diepe inhammen en lobben heeft, maar wel een onregelmatig, bochtig getande bladrand, dan kunt u er donder op zeggen dat de plant geen Raapzaad, maar Herik zal zijn. Dit gaat natuurlijk alleen op als de overige kenmerken wel sterk gelijkend zijn op Raapzaad, anders is het misschien een totaal andere plant.
Om uit te kunnen sluiten of u misschien met Zwarte mosterd of Witte mosterd te maken heeft, het volgende. Ontdekt u dat u niet in een wegberm, maar op een braakliggend stuk grond staat, dan heeft u al een eerste indicatieve aanwijzing voor Zwarte mosterd. Als de zogenoemde hauwen (de langwerpige peulachtige boontjes aan de stengel) zeer duidelijk tegen de stengel aangedrukt staan, dan kunt u er donder op zeggen dat het geen Raapzaad betreft, maar Zwarte mosterd. Witte mosterd kunt u uitsluiten als het blad nergens diepe lobben heeft, maar wel een lichtelijk gelobde bladrand.
Als u geconcludeerd heeft dat de op Raapzaad lijkende plant best wel eens Raapzaad zou kunnen zijn, dan dient u alleen nog te achterhalen of het niet Koolzaad betreft. Koolzaad is ontstaan uit Kool Brassica oleracea, die duidelijk grotere gele bloemen heeft, gekruist met Raapzaad. Ook Koolzaad is een landbouwgewas dat verwilderd wordt aangetroffen, maar is niet zoals Raapzaad een inheemse wilde plant.
Om deze twee uit elkaar te houden kunt u ten eerste de hauwen bekijken. De hauwen van Koolzaad kunnen wel tien centimeter lang worden, terwijl de hauwen van Raapzaad meestal vier tot zes centimeter lang zijn. De zaadjes in de hauwen zijn bij Koolzaad ook net iets groter. De zaadjes zijn een tot anderhalve millimeter groot bij Raapzaad en bij koolzaad twee tot tweeënhalve millimeter.
In de bolvormige bloeiwijze is ook een uiterlijk verschil tussen de soorten. In die bloeiwijze zijn vaak bloeiende bloemen en nog niet uitgekomen bloemknoppen te vinden. Bij Koolzaad zijn die nog niet uitgekomen bloemknoppen altijd boven de bloeiende bloemen te vinden. Bij Raapzaad zitten die nog niet uitgekomen bloemknoppen ergens middenin de bloeiwijze en zijn vaak bedekt door eroverheen bloeiende bloemen.
De bladeren zijn bij Koolzaad half-stengelomvattend of minder, bij Raapzaad zijn de bladeren geheel-stengelomvattend of net niet. De onderste rozetbladeren zijn bij Koolzaad blauwgroen en kaal tot licht behaard en bij Raapzaad zijn ze groen en opmerkzaam behaard.
Als u na dit stappenplan tot een conclusie bent gekomen dat de plant die u determineerde Raapzaad is, kunt u dit nog even controleren door te ruiken aan de bloemen. Koolzaad is nauwelijks riekend, maar Raapzaad is redelijk zoet geurend. Maar let op! Er zijn ook mensen waarbij die geur aan een natte dweil doet denken!
Hopelijk is hiermee de aanhoudende onduidelijkheid rondom deze soorten voor eens en altijd opgelost. Dan is het nu tijd voor een onderonsje met het Raapzaad.
Raapzaad is een vrouwelijke energie. Zo vrouwelijk dat ze energetisch met de maan in contact staat, maar tegelijkertijd met het element Aarde. Net zoals een jonge moeder bezit zij de kracht om te beschermen. Door de ‘ knol’ in huis op te hangen zou elke negatieve kracht opgeheven worden. Daarnaast bezit zij ook een kracht om relaties te beëindigen. Stel dat u een slechte grappen makende, vreemdgaande, achterbakse, aambeibegerende, altijd ontevredene, tijdverspillende, nimmer tandenpoetsende of een tijdens een film de clou verklappende bewonderaar hebt, DAN kunt u hem/haar uitnodigen voor een etentje. Zorg ervoor dat u enkel een bord met rapen serveert en op magische wijze zullen de ‘voederknollen’ ervoor zorgen dat uw bewonderaar opmerkt dat de rapen nu echt gaar zijn en hij zal u voortaan met rust laten.
De volksnaam ‘Stoppelknol’ is ontstaan doordat Raapzaad op stoppelvelden wordt verbouwd. Deze stoppels hebben niks te maken met uitbottende baardharen van een man of met de veren uit het nieuwe verenpak van vogels in de rui. In dit geval wordt met stoppels, de achtergebleven korenhalmdelen van een net geoogste akker bedoeld. Normaal gesproken worden deze stoppelvelden in de herfst omgeploegd en zo worden de stoppels verwerkt in de bodem, als bodemverbeteraar.
Maar Raapzaad en zijn ondersoorten worden dus op deze stoppelvelden nog als nagewas gekweekt. De knollen zijn goed eetbaar voor de mens en voor vee en zijn ook eeuwenlang veelvoudig als hoofdmenu gegeten, vooral voordat de aardappel zo populair werd. Nu vraagt u zich misschien af wanneer de rapen gaar zijn…
Het zal u nu verteld worden… recht voor z’n raap! Als de rapen gaar zijn dan betekent dat, dat het heftige nu gaat komen! Nu wordt het mooi! We gaan rapen eten!! Maar als we zelf met de rapen in de pot gaan dan gaat al het binnenkomende geld op aan de vaste lasten, dus heeft u geen cent te makken.
Bij recht voor z’ n raap wordt het hoofd vergeleken met een raap. Het is waarschijnlijk een boer uit het verleden geweest die deze vergelijking wel lollig vond, waarmee het gezegde ontstaan is. Het betekent iets gewoon recht in het gezicht zeggen. We kunnen spreekwoordelijk ook wel een stuk in de raap hebben. Dit betekent dat u dronken aan het worden bent.
Naast het feit dat de rapen groente zijn, worden zij tegenwoordig ook veelal gekweekt vanwege de zaden. De zaden worden al eeuwenlang gebruikt in vogelvoer, omdat er veel vet in zit. Er zit ook kalium, fosfaat en aminozuren in. De Kanarie Serinus canaria, die van de Canarische eilanden afkomt, is een vogel die tegenwoordig nog vaak gevoerd wordt met zadenmengsels met Raapzaadzaden.
Het zaad van de raapzaad heeft een walnootachtige smaak. Dit zaadje is lekkerder dan zaad van Koolzaad, dat bitterder smaakt. De kanarie lust ze wel beide, maar als u een Kanarie heeft moet u een keuze maken. U voert de kanarie OF Raapzaad OF Koolzaad. Een omschakeling kan darmstoornissen en andere narigheid teweegbrengen bij uw kanarietje.
De zaadkern is bij beide zaadsoorten geel vanwege het luteïnegehalte. Uit deze zaden wordt ook vaak olie gewonnen, o.a. verkregen door vacuümdestillatie. De olie wordt raapolie of boterolie genoemd. Hiermee vormt Raapzaad de grondstof voor biodiesel!
Raap- of koolzaadbiodiesel is in de gehele kringloop tot aan de verbranding in de motor CO2-neutraal zo lang die planten gekweekt blijven worden. De planten verbruiken namelijk evenveel CO2 als dat er vrijkomt bij de verbranding van de biodiesel. Dit is overigens vijf keer zo laag als bij echte diesel. Ook de roetproductie is opvallend laag.
Daarnaast valt op te merken dat biodiesel de gezondheid van ons en het milieu niet door benzol en andere giftigheden in gevaar brengt.
Echter, is er wel een Duits onderzoek verschenen waarin genoemd wordt dat de specifieke Raap- en Koolzaadbrandstof mogelijk tien keer meer kankerverwekkend is dan gewone diesel. Hoe dit onderzocht is en of dit een opzettelijke boycot is voor biodiesel is onduidelijk. Een ander onderzoek toont aan dat de kankerverwekkende fijne roetdeeltjes van deze biodiesel juist minder fijn worden en daarom beter uit te filteren is.
Een ander probleem dat is ontstaan rondom biobrandstoffen is de grond waarop ze gekweekt worden. Er worden nogal eens wetlands en delen van regenwoud omgevormd om er biobrandstoffen te telen, wat uiteraard een eerste plek verdient in The World Guiness Book of Stupidness.
Raapzaadolie is dé cholesterolbestrijder bij uitstek. Vervang de boter voor Raapzaadolie om gezonder te bakken. De olie zal de smaak van de ingrediënten niet aantasten. (Alfa-)Linolzuur is aanwezig in deze raapzaadolie en is een erg belangrijk vetzuur voor het lichaam. Het schijnt dat Raapzaad zelfs al in de IJzertijd gekweekt werd voor dit olie! Toen waarschijnlijk niet via vacuümdestillatie gewonnen.
Maar Raapzaad is nog meer waard. De bloemen bieden stuifmeel voor verscheidene vliegende insecten en de bladeren kunnen ook gegeten worden . Voor de mens zijn de bladeren ook eetbaar. Maar dan blijven de rapen rauw.

Ik weet nu meteen wie ik deze rapen voor moet schotelen hihi
Mooi artikel!!
Ga een paar raapjes laten bloeien, mooie bloemen en gratis zaad!
Ik had pas over een raap gedroomd haha
Ik kwam vandaag op 18 maart 2015 al veel geel bloeiend raapzaad tegen op de zuidzijde van een dijk van het Winschoterdiep. Ik vond dat erg vroeg maar dus mooi!
Dat is inderdaad aan de vroege kant! 🙂 De lente mag komen!
Is het slecht voor mijn gezondheid als ik raapzaad in de tuin heb?
Ik kan het me niet voorstellen. Raapzaad komt heel veel voor.