Een grillige boom met een brede kroon. Zware uitstaande takken. Soms ook als struik. Als boom kan hij heel groot worden.
Winterbeeld
Bloem
Groene katjes
Vrucht
Langwerpige eikels met lengtestrepen. Ze staan vaak in paren.
Blad
Asymetrisch, stomp gelobd. Twee oortjes aan de voet.
Bladrand: Glad (gelobd)
Nervatuur: Zijnerven doorlopend door de lobben.
Bladsteel: Zeer kort
Herfstkleur: Geel en bruin. Bij struikvormige Zomereiken vallen de blaadjes vaak niet af in de winter. Blaadjes blijven sowieso heel lang hangen.
Knop
Bruine knoppen, vaak meerdere bijeen aan de top van een takje.
Tak
Gedraaide takken
Bast
Bast jonge boom: Donkerbruingroen
Bast oude boom: Diepe lengtegroeven
Wortel
Diepe penwortel
Lijkt op
Wintereik Quercus patraea: Het steeltje van de wintereik is veel langer (Winter=lange broek/lange steeltje, zomer = korte broek/kort steeltje)










